+GOEDE DOELEN


Bij goede doelen gaat het om doelstellingen met een algemeen belang waar men geld, goederen of vrije tijd aan kan geven. De Nederlandse brancheorganisatie VFI hanteert een indeling met vier hoofdcategorieën: gezondheid, welzijn en cultuur, internationale hulp en natuur en milieu. Goede doelen kennen strikte regelgeving o.a. met betrekking tot de besteding van middelen en de verantwoording.

+ Issues

Voorbereide wetgeving: alle stichtingen mogelijk verplicht tot openheid over ontvangen donaties
Alle stichtingen in Nederland worden mogelijk verplicht om openheid te geven over ontvangen donaties. Op deze manier kan ongewenste buitenlandse financiering van bijvoorbeeld religieuze instellingen beter worden aangepakt. Zoals vaak is de aanleiding misstanden. Nu is dat de vermeende schimmige financiering van gebedshuizen. De discussie betreft vooral de financiering van instellingen via moeilijk te doorgronden netwerken van natuurlijke personen en rechtspersonen in verschillende landen. Het is daardoor onduidelijk waar het geld precies vandaan komt en waar het voor gebruikt wordt.

Voor een deel is er al wetgeving tegen terrorisme financiering via de WWFT. Aanvullende wetgeving is echter gewenst volgens het kabinet. Transparantie door publicatie van de jaarrekening wordt overwogen. Dit is een voorstel dat al langer in de pen zit. Stichting hoeven nu in principe geen jaarrekening te deponeren bij de kamer van koophandel. Het financieel expertise centrum zal nader onderzoek gaan doen naar buitenlandse financieringsstromen van NGO’s.

Meer info op de site van de rijksoverheid: http://iturl.nl/snJRQ). De kamerbrief is te downloaden via deze link: http://iturl.nl/snJRQ.

Ontwerprichtlijn RJ 650 Fondsenwervende Organisatie (RJ uiting 2016-13) gepubliceerd
Na de consultatie fase en verwerking van de commentaren, heeft de RJ de definitieve richtlijn voor Fondsenwervende Organisaties gepubliceerd. In deze RJ uiting staat ook benoemd wat de veranderingen zijn ten opzichte van de ontwerprichtlijn. We benoem heel kort de twee belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de ontwerp richtlijn:

Het model voor de staat van baten en lasten is gewijzigd ten opzichte van de ontwerprichtlijn. Baten van kerken en vermogensfondsen zijn niet langer als afzonderlijke categorie opgenomen. Daar staat tegenover dat twee categorieën zijn toegevoegd, namelijk baten van verbonden organisaties zonder winststreven en baten van andere organisaties zonder winststreven. De baten als tegenprestatie voor de levering van producten en/of diensten zijn in de staat van baten en lasten verplaatst en opgenomen na de som van de geworven baten. In het model van de staat van baten en lasten mogen posten worden ingevoegd voor zover hun inhoud niet wordt gedekt door een in het model vermelde post die niet als ‘overige’ is aangeduid.

In het model voor de staat van baten en lasten worden baten van particulieren en baten van bedrijven onderscheiden. In alinea 313 is verduidelijkt dat wanneer baten van particulieren en baten van bedrijven niet goed van elkaar kunnen worden onderscheiden, de fondsenwervende organisatie de betreffende baten toerekent aan de meest geëigende categorie. De fondsenwervende organisatie dient het bedrag van en categorie waaraan de toerekening heeft plaatsgevonden in de toelichting uiteen te zetten.

Ook is er binnen RJ 640 een verduidelijking gekomen wanneer er een betrouwbare schatting gemaakt kan worden voor nalatenschappen. Hiervan is in ieder geval sprake bij ontvangst van de akte van verdeling. Deze Alle stichtingen in Nederland worden mogelijk verplicht om openheid te geven over ontvangen donaties. Op die manier kan ongewenste buitenlandse financiering van bijvoorbeeld religieuze instellingen beter worden aangepakt. Zoals vaak is de aanleiding misstanden. Nu is dat vermeende schimmige financiering van gebedshuizen. De discussie betreft met name de financiering van instellingen via moeilijk te doorgronden netwerken van natuurlijke personen en rechtspersonen in verschillende landen. Het is daardoor onduidelijk waar het geld precies vandaan komt en waar het voor gebruikt gaat worden.

Voor een deel is er al wetgeving tegen terrorisme financiering via de WWFT. Aanvullende wetgeving is echter gewenst volgens het kabinet. Transparantie door publicatie van de jaarrekening wordt overwogen. Dit is overigens een voorstel dat al langer in de pen zit. Stichting hoeven nu in principe geen jaarrekening te deponeren bij de kamer van koophandel. Het financieel expertise centrum zal nader onderzoek gaan doen naar buitenlandse financieringsstromen van NGO’s. Meer info op de site van de rijksoverheid: http://iturl.nl/snJRQ de kamerbrief is te downloaden via deze link: http://iturl.nl/snsjOYYrjnet.nl/Global/RJ-Uiting%202016-13%20'Richtlijn%20650%20fondsenwervende%20organisaties'.pdf">nieuwe ontwerprichtlijn (download) is verplicht van toepassing vanaf boekjaar 2017. Vrijwillige eerder toepassing is toegestaan.

Commentaar Dubois & Co op ontwerprichtlijn RJ 650
Op de ontwerprichtlijn voor fondsenwervende instellingen (RJ 650) kon tot 31 juli commentaar uitgebracht worden. Wij hebben van die mogelijkheid gebruikt gemaakt en commentaar ingestuurd. Het toepassen van de nieuwe richtlijn is van kracht voor boekjaren die aanvangen op of na 1 januari 2017, vrijwillige toepassing vanaf jaarrekening 2016 is mogelijk. Op de website van de RJ zijn ook andere commentaren te lezen, zie www.rjnet.nl

Het nieuwe Validatiestelsel & de erkenningsregeling
Op 1 januari 2016 is de nieuwe erkenningsregeling voor goede doelen gestart. De bestaande keurmerken, codes, regels en normen zijn toe aan een opfrisbeurt. Daarom komt de sector met een nieuwe erkenningregeling die de bestaande keurmerken vervangt en beter past bij deze tijd. De erkenningsregeling komt in plaats van bestaande keurmerken (het CBF-Keur, het RfB-keur en het Keurmerk Goede Doelen).

De maatschappelijke rol van filantropie wordt steeds belangrijker. De filantropische sector bestaat uit drie grote partijen: de goede doelen (fondsenwervende organisaties), de kerkelijke instellingen en de vermogensfondsen. Samen willen zij de transparantie in de sector vergroten en het toezicht moderniseren. Verenigd in de Samenwerkende Brancheorganisaties Filantropie (SBF) hebben zij het initiatief genomen een nieuw validatiestelsel te ontwikkelen dat hierin voorziet. Dit initiatief is een direct voortvloeisel uit het in 2011 gesloten convenant 'Ruimte voor Geven' tussen kabinet en SBF. Afspraak daarin was dat overheid en sector gezamenlijk een visie op verantwoording en toezicht ontwikkelen met zelfregulering van de sector als vertrekpunt.

Het nieuwe Validatiestelsel is een set van afspraken voor kwaliteit, verantwoording en toegankelijke publieksinformatie. Met de overheid zijn afspraken gemaakt over het algemeen verbindend verklaren van nieuwe normen. De SBF-partijen hebben gezamenlijk de visie, uitgangspunten en pijlers voor een nieuw validatiestelsel geformuleerd. Deze pijlers zijn:

• Een code-SBF-Code Goed Bestuur - die onderschreven wordt door vermogensfondsen, kerkelijke instellingen en fondsenwervende organisaties in de filantropie.
• Normen (gedifferentieerde normen, afhankelijk van het type organisatie).
• Toezicht op de naleving van de normen.
• Eén centraal informatiepunt filantropie; een publiekstoegankelijk (digitaal) en centraal informatiepunt met vermelding van de diverse organisaties.

Het toezicht wordt gemoderniseerd. Voor de goededoelensector is toezicht op inkomsten, goed bestuur en bestedingen een vanzelfsprekend vereiste. Maar er komt meer aandacht voor de resultaten van organisaties en de maatschappelijke betekenis daarvan. Goede Doelen Nederland heeft samen met andere partijen binnen de sector een start gemaakt met de inrichting van het Validatiestelsel in de vorm van een nieuwe erkenningsregeling. Daarbij wordt nauw samengewerkt met het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF) die de nieuwe toezichthouder wordt. De erkenningsregeling kan nu al worden aangevraagd via www.cbf.nl. Voor bestaande keurmerkhouders, bestaat er een overgangsregeling. Informatie over de aanmeldingsprocedure, de overgangsregeling en de kosten kunt u vinden op erkenningregeling.

Verantwoordingsmodel WNT 2015
Om organisaties te faciliteren bij een volledige en juiste WNT-verantwoording in de jaarrekening over boekjaar 2015, is er op de website topinkomens.nl een model-verantwoording WNT opgesteld. Deze is te downloaden via de volgende website: www.topinkomens.nl/documenten/richtlijnen/2014/12/23/verantwoordingsmodel.

Onderzoeksrapportage goverance & risicomanagement in de Goede Doelen sector:
Eind oktober stond in de Volkskrant een artikel met de kop: ‘'Goede doelen zijn kwetsbaar' door gebrekkig bestuur” (http://iturl.nl/sn3ec). Deze conclusie komt uit een breed onderzoek en rapportage van Capital Counsel (www.capitalcounsel.nl) naar goverance & risicomanagement in de Goede Doelen sector. In totaal reageerde 110 organisaties, bestaande uit 50 vermogensfondsen, 51 fondsenwervende instellingen en 9 hybride fondsen met een mooie evenredige verdeling over 10 verschillende doelstellingen/doelbestedingen. Het onderzoek is opgebouwd aan de hand van drie thema’s: Governance, Financiën en Beleggen. Een van de bevindingen uit de samenvatting van het rapport: ‘Bestuurders en toezichthouders zijn zich wel bewust van het belang van een goede inrichting van de governance, maar dit is niet altijd geïmplementeerd in de organisatie. Verantwoordelijkheden zijn onduidelijk of niet belegd en de verantwoording is niet helder. Opvallend is dat risicomanagement niet voldoende is geborgd. Dit maakt de organisatie potentieel kwetsbaar. Voor organisatie die hun goverance en risicomanagement willen verbeteren en willen leren van de best practices uit het rapport, die kunnen het rapport met deze link downloaden.

Veranderingen Aanbestedingswet 2016
Voor organisatie die subsidie krijgen, maar ook voor Goede Doelen kunnen Europese aanbestedingsvoorschriften van toepassing zijn. De vraag of je een publiekrechtelijke instelling bent en dus gehouden bent aan de (Europese) aanbestedingsvoorschriften is vaak niet zo eenvoudig. Maar soms staat ook gewoon in de subsidietoekenning dat organisaties zich moeten houden aan (Europese) aanbestedingsvoorschriften. Meer informatie over de vraag of je een publiekrechtelijke instelling bent is hier te vinden: http://iturl.nl/sniWcDA Vanaf april 2016 wordt een aangepaste Aanbestedingswet van toepassing. In het wetsvoorstel zijn verschillende veranderingen opgenomen. Informatie over deze veranderingen: http://iturl.nl/snP-BLy
In deze circulaire van augustus 2015 (ingangsdatum september 2015!) van het ministerie van Binnenlandse Zaken wordt bepaald wat de waarde van opdrachten is die volgens afwijkende procedures (meervoudig onderhandse procedure, nationale aanbesteding of enkelvoudig onderhands) aanbesteed kunnen worden. Dit verstrekt dus duidelijkheid op basis van de waarde van de opdracht, welke procedure in een concreet geval de aangewezen procedure is. gewijzigde-circulaire-grensbedragen-procedures-aanbestedingswet-2012-per-1-sept-2015
Gezien de complexiteit die komt kijken bij het onderwerp aanbestedingen zullen wij voor onze klanten en relaties een seminar gaan organiseren. Zie https://www.dubois.nl/issues/agenda-bijeenkomsten-en-activiteiten/

VFI beloningsregeling aangepast met terugwerkende kracht per januari 2015
De VFI kent sinds 2005 een beloningsregeling voor directeuren. De beloningsregeling houdt rekening met de zwaarte van de functie (o.a. grootte en complexiteit van de organisatie). Het gemiddelde jaarsalaris van een directeur bedroeg in 2014 op fulltime basis 98.836 euro, variërend van gemiddeld 77.696 euro bij kleine organisaties tot gemiddeld 111.674 euro bij grote organisaties.
Deze regeling is gebaseerd op de – door de commissie Wijffels opgestelde – Code Goed Bestuur voor goede doelen. Het maximumsalaris is afgeleid van het destijds voor rijksambtenaren geadviseerde maximum.
Mede in verband met de op 1 januari inwerking getreden WNT2 (Wet Normering Topinkomens) is de beloningsregeling per 1 oktober 2015 met terugwerkende kracht tot 1 januari 2015 aangepast. Er is in een overgangsregeling voorzien (klik hier voor de regeling geldend vanaf 1 januari 2015).

Fraudebeheersing - 'Report to the Nations on Occupational Fraud and Abuse'
Als onderdeel van een accountantscontrole is de beheersing van frauderisico's een gespreksonderwerp met het management en de toezichthouders. Bewustwording over frauderisico's en fraudebeheersing is daarbij essentieel. Het jaarlijkse wereldwijde onderzoek naar fraude die wordt gerapporteerd in het 'Report to the Nations on Occupational Fraud and Abuse' van de Association of Certified Fraud Examiners (ACFA) draagt hier aan bij (analyse van meer dan 1.400 fraudegevallen in meer dan 100 verschillende landen!).
Een paar belangrijke lessen die uit dit rapport te trekken zijn:  
  1. Tips zijn de meest voorkomende methode om fraude te ontdekken. De helft van deze tips komt van het eigen personeel. Organisaties met een goed meldpunt ontdekken fraude sneller en de omvang van de fraudekosten zijn dan ook aanzienlijk lager.
  2. Externe accountantscontrole is de minst effectieve manier om fraude te ontdekken. Het onderzoek wijst uit dat toeval vaker de reden van ontdekking is dan accountantscontrole. Dit benadrukt dus dat organisaties vooral ook andere maatregelen moeten nemen om fraude te ontdekken.
  3. Fraude wordt vooral gepleegd door 'eerste overtreders' die niet eerder veroordeeld zijn. Ook gebeurt dit vaak na een relatief groot aantal dienstjaren. Alleen screening bij indiensttreding is niet afdoende.
Kennis nemen van de management samenvatting van twee pagina’s (http://www.acfe.com/rttn-summary.aspx) en de ‘Fraud Prevention checklist' (op blz 76) van twee pagina's zal bijdragen aan een beter fraudebewustzijn. Voor het volledige rapport: http://iturl.nl/snlI26q
Goede doelen verstrekken in het kader van hun doelstelling vaak subsidies aan andere organisaties. De ‘Fraud Prevention checklist' kan behulpzaam zijn om de fraude beheersing bij deze organisaties in kaart te brengen en te verbeteren. Bijvoorbeeld door aan te dringen op een meldpunt voor fraude en misstanden mocht dit er nog niet zijn.

Concept versie Normen Erkenningsregeling – Validatiestelsel
De bedoeling van het validatiestelsel is om onder andere tot één erkenningsregeling te komen. Dit in plaats van de verschillende normen die er nu zijn. In de dialoog sessie van september 2015 is gesproken over de concept versie van de normen voor de erkenningsregeling van het validatiestelsel. Zie: http://iturl.nl/snJu7L- Voor een beschrijving van het CBF over de stand van zaken per juni 2015: http://iturl.nl/snYZR

Ontwikkelingen validatie-stelsel
Conform afspraak 8 van het convenant ‘Ruimte voor geven’ is door het ministerie van Veiligheid en Justitie, het ministerie van Financiën en de SBF een gezamenlijke visie opgesteld op het toezicht en de verantwoording in de sector filantropie. Deze visie vormt de basis voor de ontwikkeling van het validatiestelsel filantropie dat tot doel heeft het verbeteren van de transparantie en de kwaliteit van het toezicht op de filantropiesector. Dit stelsel wordt van toepassing verklaard op alle ANBI’s en bestaat uit de volgende onderdelen:
- een gedragscode voor ANBI’s en haar bestuurders;
- een keurmerk voor fondsenwervende instellingen;
- een centraal informatieportaal.

CBF, Keurmerk Goede doelen, het Keurmerk Goed Besteed en RfB-keur (Raad voor Financiële Betrouwbaarheid ) Elk keurmerk stelt eigen eisen. Dit gaat verdwijnen. Er komt een keurmerk. Daarbij wordt onderscheid gemaakt door naar de omvang van de fondsenwervende instelling te kijken. Het keurmerkt stelt eisen aan het bestuur, transparantie, de financiële organisatie.
Bron en meer informatie:
- http://iturl.nl/snV-Ljj
- http://iturl.nl/snHP8cJ
 
Vermogensfondsen gaan eigen toezicht organiseren
De vermogensfondsen verenigd in koepel FIN werken aan de oprichting van een stichting toezicht vermogensfondsen. Deze toezichthouder zal in het nieuwe validatiestelsel opereren naast het CBF. De nieuwe stichting zal rekening houden met specifieke criteria voor toezicht op vermogensfondsen, instellingen die niet van publieksgiften afhankelijk zijn. Bron http://iturl.nl/sn24Al9
 
Transparantie over risico’s en onzekerheden
De publieke management letter voor de Goededoelensector (zie: http://iturl.nl/snvWSA3 ) benoemde het al nadrukkelijk:'Goede doelen moeten open zijn over risico's en mislukte projecten'  
Het toenemende maatschappelijk belang dat wordt gehecht aan transparantie over risico’s en onzekerheden heeft geleid tot een ontwerprichtlijn van de Raad voor de Jaarverslaggeving (RJ) waarmee invulling gegeven wordt aan de vereiste beschrijving van de voornaamste risico’s en onzekerheden waarmee de rechtspersoon wordt geconfronteerd. Uitgangspunten hierbij zijn dat de rechtspersoon:
  • - zich beperkt tot het verschaffen van informatie over de voornaamste risico's en onzekerheden;
    • - inzicht geeft in de maatregelen die zijn getroffen om risico's te mitigeren en onzekerheden te adresseren;
    • - de impact vermeldt die wordt verwacht wanneer voorziene omstandigheden ten aanzien van de beschreven voornaamste risico's en onzekerheden zich zouden voordoen (zo mogelijk via gevoeligheidsanalyses);
    • - de effecten beschrijft van risico’s en onzekerheden die zich hebben voorgedaan; en
    • - de eventuele aanpassingen vermeldt in het systeem van risicomanagement.
De uitgebreidheid van de beschrijving wordt mede bepaald door de omvang en complexiteit van de rechtspersoon en zijn activiteiten en de daaraan gerelateerde risico’s en onzekerheden. Deze ontwerp- richtlijn wordt van kracht voor verslagjaren die aanvangen op of na 1 januari 2015, waarbij eerdere toepassing wordt aanbevolen. Zie: http://iturl.nl/sne-H

Controllers en financiële bestuurders: kijk nog eens goed naar de risicoanalyse van de organisatie en of de risico-paragraaf voldoende transparant is.